Het is fijn om er te zijn
Door Guus Kuijer.Polleke’s vader Spiek geeft alles wat hij heeft uit aan drugs, zwerft maar door de stad, en is dakloos geworden. Polleke wordt er echt niet goed van zoals die man leeft. Op aanraden van haar vriendje Mimoen zegt ze héél duidelijk tegen haar vader hoe het ermee staat.'Je moet afkicken, pap. Anders kan ik het niet meer.'
Polleke maakte altijd graag gedichten. Ze heeft er talent voor. Maar nu lijkt het erop dat ze het kwijt is. Sinds ze weet dat haar vader, Spiek, nooit een dichter zal zijn, is háár dichtader dichtgeslibd. Want die gedichten maakte ze voor hem, in zijn plaats eigenlijk. Het gaat trouwens helemaal slecht met Spiek: hij geeft alles wat hij heeft uit aan drugs, zwerft maar door de stad, en is dakloos geworden. Polleke wordt er echt niet goed van zoals die man leeft. Op aanraden van haar vriendje Mimoen zegt ze héél duidelijk tegen haar vader hoe het ermee staat. "Je moet afkicken, pap. Anders kan ik het niet meer." En Spiek zegt, tot haar schrik: "Goed, als jij meegaat?" Daar heeft Polleke even niet van terug. Zij met Spiek in een huis vol afkickende junks? Maar lang twijfelt ze eigenlijk niet. Ze weet dat het allemaal voor niks kan zijn. Maar ze gáát. En opeens hoort Polleke weer iets in haar hoofd: "Het is fijn om er te zijn." Waar komt dat nu opeens vandaan?
Polleke heeft allerlei dingen in haar leven die nogal moeilijk liggen. Dat geldt vooral voor haar relatie met haar vader, die verslaafd en dakloos is. Hij noemt zich dichter maar schrijft nooit een gedicht, terwijl bij haar de gedichten gewoon opborrelen. Uiteindelijk ziet ze in dat hij nooit een dichter zal zijn en steeds verder afglijdt en stelt hem een ultimatum: afkicken of bij haar wegblijven. Tot haar verbazing wil hij afkicken, maar alleen als zij meegaat en ook al vindt haar familie het niets, ze zet door en samen gaan ze op weg naar het opvanghuis. In dit levendige ik-verhaal komt op een nuchtere, geloofwaardige manier de (gedachte)wereld van een meisje naar voren, waarin met liefde alle personen worden beschreven die een rol in haar leven spelen, vanuit hun eigen achtergrond. Daardoor is identificatie met de personages heel gemakkelijk Het originele eigentijdse taalgebruik waarin de humor niet is vergeten, gedeeltelijk in de vorm van kleine gedichtjes, nodigt uit tot (door)lezen. In het verhaal, in korte zinnen met veel spreektaal, wordt geen woord te veel gebruikt. Geïllustreerd met kleine zwart-wittekeningen; omslagtekening in kleur. Vanaf ca. 10 jaar. Vervolg op "Voor altijd samen, amen"*.

